Je zet je peuter neer met een bak speelgoed, loopt naar de keuken en hoort na twee minuten: “Mama, kom!” Als je peuter niet alleen kan spelen, voelt dat al snel als falen. Van hem, van jou, van de speelgoedkast. Meestal is het geen van de drie.
Waarom je peuter niet alleen kan spelen
Alleen spelen is geen karaktereigenschap. Het is een vaardigheid, en die moet groeien. Een tweejarige speelt vaak maar even zelfstandig en wil jou dichtbij weten. Dat is gehechtheid, geen mislukking.
Wat het lastiger maakt is de start. Eén blik op een kast met veertig dingen en je kind moet bepalen wat hij gaat doen. Dat is een volwassen taak. Kiezen kost energie, dus kiest hij de makkelijkste optie: jou.
Zo leert een peuter alleen spelen: begin samen
Sta niet op en loop weg. Zet het spel eerst in gang, en bouw je eigen aanwezigheid daarna af.
- Speel drie minuten mee: bouw het begin van een toren, rijd een auto naar de garage. Je geeft het spel een eerste zet.
- Stap dan terug, maar blijf in de kamer: vouw de was, lees iets. Zichtbaar zijn is genoeg.
- Houd het kort: vijf minuten die lukken zijn meer waard dan twintig die mislukken.
- Bewaar je commentaar: elk “mooi zo!” haalt zijn aandacht van het spel naar jou.
Welk speelgoed helpt een peuter alleen spelen?
Speelgoed dat zelf iets doet met lichtjes en geluid, houdt je kind passief. Hij drukt, het speelgoed antwoordt, klaar. Wat wel werkt is speelgoed met een eigen kleine opdracht, zonder dat het de hele act overneemt. Denk aan sorteren, rollen en nadoen.
En dan het belangrijkste: zet er maximaal vijf dingen neer. Niet de hele kast, niet de hele bak.

Sorteren en rijden in één. Een klein doel dat je kind zelf kan herhalen. Vanaf 1 jaar.

Auto erop, auto eraf, en weer opnieuw. Beweging die zichzelf aanjaagt. 2-4 jaar.

Verzorgen en nadoen: je kind bedenkt zijn eigen verhaal rond de knuffelhond.
Wat vandaag werkt, is over een maand saai
Een peuter die net leert sorteren, wil over zes weken iets anders. Dan staat dezelfde vormentruck weer in de weg en vraagt hij weer om jou. Daarom helpt het als speelgoed kan meebewegen met waar je kind nu zit, in plaats van dat je telkens opnieuw moet gokken.
Dat is de gedachte achter RePlayClub: speelgoed dat komt en gaat in het tempo van je kind.
Wanneer is het meer dan een fase?
Bij de meeste peuters is het een kwestie van oefenen. Speelt je kind rond drie of vier jaar nog nooit een paar minuten zelf, of maakt het je ongerust? Bespreek het dan met het consultatiebureau of de huisarts.
Voor de rest: alleen spelen leer je niet door alleen gelaten te worden. Je leert het door te merken dat het kan, met iemand in de buurt.
Minder speelgoed, meer spel
Kies een paar dingen die passen bij waar je kind nu zit, en wissel ze als het tijd is.
Bekijk de abonnementen
